Een uitzonderlijk sterke El Niño ontwikkelt zich momenteel boven de tropische Stille Oceaan. Volgens de Amerikaanse weerdienst NOAA is er meer dan 90 procent kans dat de El Niño tijdens de herfst en winter van 2026-2027 zeer sterk wordt. Voor de periode oktober-december bedraagt de kans op een historisch sterke episode zelfs 69 procent.
Dat klinkt als groot nieuws voor het weer bij ons, maar voor België ligt het verhaal genuanceerder. El Niño heeft wereldwijd een enorme invloed op de atmosfeer, alleen is het effect op West-Europa veel minder voorspelbaar dan bijvoorbeeld in Noord-Amerika.
De oceaan warmt uitzonderlijk sterk op
El Niño ontstaat wanneer het zeewater in een groot deel van de tropische Stille Oceaan warmer wordt dan normaal. Momenteel zijn in het oostelijke deel van de equatoriale Pacific afwijkingen van meer dan 2°C gemeten. In juli lag de Niño-3.4-index op +1,4°C, terwijl in het oostelijke Niño-gebied zelfs +2,9°C werd gemeten.
NOAA verwacht dat de opwarming de komende maanden verder doorzet. Voor oktober-december wordt momenteel een kans van 95 procent berekend op een El Niño-index van minstens +2°C volgens de gebruikte sterkte-indicator.
Een “super El Niño” is overigens geen officiële wetenschappelijke categorie. De term wordt vooral gebruikt voor uitzonderlijk sterke gebeurtenissen.
Maar wat betekent dat voor België?
Hier wordt het interessant. El Niño werkt niet rechtstreeks als een soort afstandsbediening voor het Belgische weer. De veranderingen in de Stille Oceaan beïnvloeden grote luchtstromingen en straalstromen, die vervolgens duizenden kilometers verderop hun effect kunnen hebben.
Volgens het Europese klimaatcentrum Copernicus zijn de gevolgen van El Niño in Europa vooral tijdens de winter zichtbaar. Toch verschillen die effecten sterk per regio en binnen één winter kunnen ze zelfs veranderen.
Voor België betekent dat vooral: we kunnen niet simpelweg zeggen dat de komende winter warm of koud wordt door El Niño.
Onderzoek naar Europa laat zien dat Noord-Europa tijdens El Niño gemiddeld vaker koudere omstandigheden kent, vooral later in de winter. Maar in het begin van de winter kan het patroon juist andersom zijn. Wanneer men de volledige periode december-februari bekijkt, kunnen de effecten bovendien grotendeels tegen elkaar wegvallen.
Geen garantie op een koude winter
Wie dus meteen denkt aan een winter vol sneeuw en vrieskou, moet voorzichtig zijn. Een sterke El Niño verhoogt bepaalde kansen, maar bepaalt niet zelfstandig het Belgische weer.
Ook andere factoren spelen een belangrijke rol, waaronder de toestand van de Atlantische Oceaan, de straalstroom, sneeuw en ijs in het noordpoolgebied en andere atmosferische patronen. Daardoor blijft een seizoensvoorspelling voor Europa bijzonder moeilijk.
Het opvallende is dat El Niño wereldwijd wél duidelijke gevolgen kan hebben. Sommige gebieden krijgen vaker zware regenval, terwijl andere regio's juist met droogte en hitte te maken krijgen.
België staat dus voor een interessante winter
De komende maanden worden daarom nauwlettend gevolgd. NOAA verwacht momenteel een zeer sterke El Niño tijdens de winter van 2026-2027, mogelijk zelfs een gebeurtenis die tot de sterkste sinds het begin van de moderne metingen behoort.
Voor ons land betekent dat vooral dat de kans op bepaalde winterse patronen verandert, maar niet dat meteorologen nu al kunnen zeggen of België een zachte, natte, koude of sneeuwrijke winter krijgt.
Eén ding staat wel vast: de Stille Oceaan is momenteel uitzonderlijk warm en de atmosfeer reageert daarop. De komende maanden zal duidelijk worden hoe ver die enorme weerspuzzel zijn invloed tot in Europa laat voelen.
Bron:
National Geographic, eigen berichtgeving