Wie vervroegd met
pensioen wil gaan, moet vanaf 2027 rekening houden met een belangrijke verandering. Sommige mensen zullen een deel van hun pensioen verliezen als ze stoppen vóór de wettelijke pensioenleeftijd. De nieuwe pensioenmalus is bedoeld voor wie vervroegd met pensioen gaat, maar niet aan bepaalde voorwaarden rond de loopbaan en het aantal gewerkte dagen voldoet. Dat bevestigt de Federale Pensioendienst.
De maatregel betekent niet dat iedereen die vroeger stopt automatisch minder pensioen krijgt. Er zijn specifieke voorwaarden en uitzonderingen. Toch is het belangrijk om tijdig na te gaan wat de hervorming voor jouw persoonlijke situatie betekent.
Twee voorwaarden om een pensioenmalus te vermijden
Wie vervroegd met pensioen gaat, moet aan twee voorwaarden voldoen om aan de vermindering te ontsnappen. Het gaat om minstens 35 loopbaanjaren waarin telkens minstens 156 dagen meetellen én in totaal 7.020 dagen over de volledige loopbaan die meetellen voor de malusvoorwaarden. Wie niet aan beide voorwaarden voldoet, riskeert een vermindering van het brutopensioen.
Daarbij is een belangrijk detail dat de voorwaarden om vervroegd met pensioen te mogen gaan niet volledig dezelfde zijn als de voorwaarden om een pensioenmalus te vermijden. Je kunt dus in principe recht hebben op vervroegd pensioen en toch een vermindering krijgen.
Niet alleen effectief gewerkte dagen kunnen meetellen. Ook bepaalde periodes, zoals ziekte, invaliditeit, zorgverlof, moederschapsrust en tijdelijke werkloosheid, komen onder voorwaarden in aanmerking. Welke dagen precies meetellen, hangt af van de wettelijke regels.
Hoeveel pensioen kan je verliezen?
Het percentage van de malus hangt af van je geboortejaar. Voor mensen geboren in 1960 of eerder bedraagt de vermindering 0 procent. Voor wie geboren is tussen 1961 en 1965 gaat het om 2 procent per jaar dat men vroeger stopt. Bij geboortejaren 1966 tot en met 1974 bedraagt dat 4 procent. Wie geboren is in 1975 of later, riskeert 5 procent per jaar vervroeging. De vermindering wordt berekend in verhouding tot het aantal maanden dat je vroeger stopt en blijft definitief.
Een voorbeeld maakt dat duidelijk. Iemand die geboren is in 1975 en vier jaar vóór de wettelijke pensioenleeftijd stopt, kan bij een malus van 5 procent per jaar 20 procent van het brutopensioen verliezen. Een pensioen van 1.800 euro bruto zou in dat voorbeeld dalen tot 1.440 euro bruto. Dat voorbeeld geldt alleen wanneer de persoon niet aan de voorwaarden voor vrijstelling voldoet.
Wat kan je zelf doen?
Wie vóór 2027 al aan de voorwaarden voor vervroegd pensioen voldoet, wordt beschermd tegen de malus, ook als die persoon beslist om later te stoppen. Wie pas vanaf 2027 met pensioen kan, doet er goed aan de persoonlijke gegevens te controleren.
Via
MyPension.be kan je onder ‘Mijn pensioen plannen’ de informatie over je persoonlijke situatie bekijken. Daar is ook een teller beschikbaar die toont hoeveel loopbaanjaren en dagen meetellen voor de voorwaarden. Zo kan je nagaan of je mogelijk een pensioenmalus riskeert.