Akkoord voor De Wever of recht naar de afgrond
• Politiek

doorFabian Morren
Het ontslag van Bart De Wever leek maandag 2 november even het begin van het einde voor de federale regering. Na maandenlange onderhandelingen raakten de vijf meerderheidspartijen het niet eens over de begroting. De premier trok daarop naar koning Filip en bood zijn ontslag aan. Maar amper vier dagen later kwam er een opmerkelijke wending. De koning weigerde het ontslag en stuurde De Wever terug naar de onderhandelingstafel. Is er nu eindelijk een uitweg uit de politieke impasse?
Tien miljard euro blijft het grote struikelblok
Om te begrijpen waarom de onderhandelingen zo moeilijk verlopen, moeten we kijken naar de omvang van de opdracht. De federale regering moet tegen 2029 ongeveer 10 miljard euro aan besparingen en bijkomende inkomsten vinden. Dat geld is nodig om de Belgische overheidsfinanciën opnieuw op een houdbaar traject te krijgen.
De cijfers zijn bijzonder ontnuchterend. Volgens de Europese Commissie zal het Belgische begrotingstekort in 2026 ongeveer 5,2 procent van het bruto binnenlands product bedragen. De overheidsschuld zou oplopen tot 110,5 procent van het bbp. In 2027 dreigt het tekort zelfs verder te stijgen tot 5,4 procent.
België zit daarmee in een bijzonder moeilijke budgettaire situatie. De Europese Unie verwacht dat ons land maatregelen neemt om het tekort terug te dringen. De tijd om moeilijke beslissingen uit te stellen, wordt dus steeds kleiner.
Waarom raken de partijen er niet uit?
De grootste moeilijkheid is niet zozeer het bedrag dat gevonden moet worden, maar vooral de manier waarop dat moet gebeuren.
Aan de ene kant staan N-VA en MR. Zij willen vooral de overheidsuitgaven onder controle krijgen en vermijden dat de belastingdruk nog verder stijgt. Besparingen in onder meer de gezondheidszorg en de werking van de overheid liggen daarbij op tafel.
Vooruit en Les Engagés vinden dan weer dat de inspanningen eerlijker verdeeld moeten worden. Zij willen dat mensen met grote vermogens en de sterkste financiële schouders een grotere bijdrage leveren.
Vooruit-voorzitter Conner Rousseau heeft herhaaldelijk aangedrongen op bijkomende inkomsten uit de vermogenssfeer. Ook de mogelijke belastingvoordelen voor bepaalde beroepsgroepen, waaronder profvoetballers, zijn onderwerp van discussie.
MR-voorzitter Georges-Louis Bouchez heeft zich dan weer bijzonder kritisch opgesteld tegenover nieuwe belastingen. Vooral een brede btw-hervorming botste op zijn verzet.
Dat dossier is belangrijk. De regering had aanvankelijk gehoopt via aangepaste btw-tarieven extra inkomsten te verzamelen. Door het verzet van MR moest die piste grotendeels worden bijgestuurd. Daardoor moest opnieuw naar andere inkomsten en besparingen worden gezocht.
Het gevolg is dat een compromis telkens dichterbij lijkt te komen, maar dat er nieuwe problemen ontstaan zodra een bepaalde maatregel van tafel verdwijnt.
Waarom bood De Wever zijn ontslag aan?
De beslissing van de premier op 2 november was geen gewone onderhandelingstactiek. Na een nieuwe mislukte onderhandelingsronde bood hij effectief zijn ontslag aan bij de koning.
Koning Filip hield zijn beslissing aanvankelijk in beraad en begon gesprekken met de voorzitters van de vijf meerderheidspartijen.
Dat overleg leverde uiteindelijk iets op. Op vrijdag 6 november ontving de koning opnieuw Bart De Wever. Na gesprekken met alle vijf partijvoorzitters stelde het paleis vast dat iedereen bereid was toegevingen te doen om alsnog een akkoord te bereiken.
De koning weigerde daarop het ontslag van de premier. Hij vroeg De Wever om de onderhandelingen onmiddellijk te hervatten.
Opvallend is dat de koning ook een formele toezegging kreeg van de vijf partijvoorzitters dat hun partijen bereid zijn compromissen te sluiten. Dat is politiek belangrijk. Het betekent dat geen enkele coalitiepartner zich op dit moment publiekelijk achter een nieuwe regeringscrisis wil verschuilen.
De Wever moet op maandag 16 november opnieuw verslag uitbrengen bij de koning. Dat is voorlopig de belangrijkste politieke datum.

Wat kan er nu wel lukken dat vorige week niet lukte?
Dat is misschien wel de belangrijkste vraag. De fundamentele tegenstellingen zijn immers niet verdwenen.
Toch zijn er drie redenen waarom een akkoord opnieuw mogelijk wordt.
Ten eerste is de politieke druk aanzienlijk toegenomen. De premier heeft met zijn ontslag duidelijk gemaakt dat hij niet eindeloos wil blijven onderhandelen zonder resultaat. De partijvoorzitters weten nu dat de situatie ernstig is en dat de gevolgen van een mislukking veel groter kunnen worden.
Ten tweede heeft de tussenkomst van de koning de verantwoordelijkheid nadrukkelijk bij alle vijf partijen gelegd. Niet alleen bij De Wever, maar ook bij Bouchez, Rousseau, Sammy Mahdi en Maxime Prévot. Iedereen heeft toegezegd bereid te zijn water bij de wijn te doen.
Ten derde heeft eigenlijk geen enkele meerderheidspartij veel te winnen bij vervroegde verkiezingen. Een regeringsval zou bovendien betekenen dat België met een nog grotere onzekerheid geconfronteerd wordt op een moment dat de financiële toestand al bijzonder kwetsbaar is.
Reuters wees er vrijdag ook op dat de financiële markten de Belgische situatie nauwlettend volgen. De rente op Belgische staatsobligaties op tien jaar was opgelopen tot ongeveer 4,25 procent, tegenover 3,50 procent vier maanden eerder. Dat maakt nieuwe schulden duurder en vergroot de druk om de begroting op orde te krijgen.
Wat als er opnieuw geen akkoord komt?
Dan dreigt België opnieuw met voorlopige twaalfden te moeten werken.
Dat betekent dat de overheid maandelijks in principe slechts een twaalfde van de uitgaven uit de vorige begroting kan gebruiken. Pensioenen, lonen van ambtenaren en andere bestaande verplichtingen kunnen daarmee betaald blijven worden.
Het probleem is dat de regering veel minder ruimte krijgt om nieuw beleid te voeren. Ook nieuwe hervormingen en maatregelen om extra inkomsten te verzamelen, worden moeilijker.
Bovendien zou het bijzonder pijnlijk zijn mocht België voor het tweede jaar op rij niet tijdig een volwaardige begroting kunnen goedkeuren.
De deadline is dus niet alleen politiek belangrijk. De regering moet ook rekening houden met de tijd die nodig is om een akkoord om te zetten in begrotingswetten en door het parlement te laten goedkeuren.
Komt het nog goed met De Wever?
Er is opnieuw perspectief, maar een overwinning is absoluut nog niet binnen.
De belangrijkste aanwijzing is dat alle vijf de coalitiepartijen na de tussenkomst van koning Filip formeel hebben bevestigd dat ze bereid zijn toegevingen te doen. Dat was precies wat ontbrak toen De Wever zijn ontslag aanbood.
De premier heeft nu opnieuw het initiatief. Hij moet vooral een formule vinden waarmee MR kan leven zonder dat Vooruit en Les Engagés het gevoel krijgen dat de zwaarste lasten opnieuw bij de gewone bevolking terechtkomen. Tegelijk moet N-VA voldoende besparingen kunnen realiseren om het begrotingstraject geloofwaardig te houden.
Een akkoord lijkt dus opnieuw mogelijk, maar het zal onvermijdelijk een compromis worden waarbij geen enkele partij volledig haar zin krijgt.
De komende tien dagen worden bijzonder belangrijk. Op 16 november moet De Wever opnieuw naar de koning. Dan zal duidelijker worden of de hernieuwde onderhandelingen daadwerkelijk iets hebben opgeleverd.
Eén ding staat vast: België kan zich financieel steeds minder veroorloven om deze discussie nog maanden vooruit te schuiven.
Lees ook
loading
Loading











