Mag je 6 km/u sneller rijden zonder boete?

12 sep , 11:00Verkeer
Controle
Wie met de auto rijdt, heeft zich ongetwijfeld al eens afgevraagd hoeveel marge er bestaat bij een snelheidsovertreding. Word je meteen geflitst wanneer je één kilometer per uur te snel rijdt, of houden camera’s rekening met een bepaalde tolerantie? In België bestaat er inderdaad een technische correctie, maar die mag niet worden verward met een vrijgeleide om sneller te rijden.

Technische correctie wordt automatisch toegepast

Wanneer een flitspaal, mobiele radar of trajectcontrole een snelheid registreert, wordt de gemeten snelheid niet zomaar één op één gebruikt om de boete te berekenen. Er wordt een technische correctie toegepast. Die correctie houdt rekening met de mogelijke meetafwijking van het toestel en werkt in het voordeel van de bestuurder.
Volgens de Federale Politie wordt de boete berekend op basis van de gecorrigeerde snelheid, en niet op basis van de oorspronkelijke meting. Beide snelheden worden normaal vermeld op het proces-verbaal.
Voor snelheden tot en met 100 kilometer per uur wordt doorgaans een correctie van 6 kilometer per uur toegepast. Wordt bijvoorbeeld een snelheid van 56 kilometer per uur gemeten op een plaats waar 50 kilometer per uur is toegestaan, dan wordt voor de berekening uitgegaan van 50 kilometer per uur.
Dat betekent in de praktijk dat een bestuurder niet noodzakelijk een boete krijgt wanneer de gemeten snelheid slechts enkele kilometers per uur boven de toegelaten limiet ligt.

Hoe zit dat op de snelweg?

Bij snelheden boven 100 kilometer per uur wordt geen vaste correctie van 6 kilometer per uur gebruikt, maar een percentage. Daar wordt een technische correctie van 6 procent toegepast. De precieze verwerking gebeurt op basis van de geldende meet- en correctieregels.
Een bestuurder die op een autosnelweg met een maximumsnelheid van 120 kilometer per uur rijdt, krijgt dus niet noodzakelijk een boete wanneer de radar een snelheid registreert die maar beperkt boven 120 kilometer per uur ligt. De Federale Overheidsdienst Justitie gaf eerder als voorbeeld dat bij een toegelaten snelheid van 120 kilometer per uur een boete in principe vanaf een gemeten snelheid van 129 kilometer per uur kan worden verwacht.
Toch is het belangrijk om daar geen exacte “veilige snelheid” van te maken. De technische correctie is geen doelbewuste marge die automobilisten mogen incalculeren. Wie structureel sneller rijdt dan toegestaan, loopt nog altijd het risico op een boete.

Technische marge is niet hetzelfde als tolerantiemarge

Er bestaat vaak verwarring tussen de technische correctie en de zogenaamde tolerantiemarge. Dat zijn twee verschillende zaken.
De technische marge heeft te maken met de mogelijke onnauwkeurigheid van het meettoestel. Die correctie blijft bestaan. De tolerantiemarge was daarentegen een beleidsmatige drempel die bepaalde parketten vroeger hanteerden om te bepalen vanaf welke snelheid effectief een proces-verbaal werd opgesteld. Die extra tolerantie kon verschillen naargelang de plaats en de beschikbare capaciteit bij de parketten.
De tolerantiemarges werden de voorbije jaren grotendeels afgebouwd. Daardoor kan er vandaag sneller worden opgetreden tegen beperkte snelheidsovertredingen. De technische correctie mag dus niet worden beschouwd als een bijkomende tolerantie boven op een eventuele lokale vervolgingsdrempel.

Ook trajectcontrole past correctie toe

Dezelfde principes gelden bij trajectcontrole. Daarbij wordt niet de snelheid op één bepaald moment gemeten, maar de gemiddelde snelheid over een bepaald traject. Ook op die gemiddelde snelheid wordt een technische correctie toegepast.
Wie bijvoorbeeld gedurende een traject gemiddeld iets sneller rijdt dan toegestaan, kan dus alsnog worden gecontroleerd. Even kort het gaspedaal lossen voor een camera volstaat niet bij trajectcontrole: de gemiddelde snelheid over het volledige gecontroleerde traject is bepalend.

Geen recht om sneller te rijden

De belangrijkste conclusie is dat de correctie geen wettelijk recht creëert om enkele kilometers per uur sneller te rijden. De maximumsnelheid op het verkeersbord blijft altijd de wettelijke grens. De technische marge is bedoeld om meetonzekerheden op te vangen, niet om bestuurders extra ruimte te geven.
Bovendien kunnen snelheidsovertredingen zwaarder worden bestraft naarmate de overschrijding groter is. In de bebouwde kom, een zone 30, een schoolomgeving, een erf of een woonerf gelden bovendien strengere gevolgen bij zware overschrijdingen. Vanaf bepaalde snelheidsgrenzen kan een bestuurder niet alleen een hoge boete krijgen, maar ook voor de politierechtbank moeten verschijnen of een rijverbod riskeren.
Wie dus denkt dat “even boven de limiet” altijd zonder gevolgen blijft, vergist zich. Een kleine overschrijding kan door de technische correctie soms niet tot een boete leiden, maar daarop vertrouwen is geen veilige of juridische strategie.
loading

Loading