Wanneer een nucleaire grootmacht een experimentele, hypersonische raket afvuurt op een regeringswijk, is dat geen reguliere oorlogsvoering meer. Het is een geopolitieke schokgolf. De grootschalige Russische raketaanval op Kiev, waarbij het Kremlin voor de tweede keer de angstaanjagende Oresjnik-raket inzette, moet volgens VTM-oorlogsjournalist Robin Ramaekers dan ook niet louter als een militaire escalatie worden gezien.
Het is in de eerste plaats een angstaanjagend staaltje psychologische oorlogsvoering. "Dit is een hypersonische raket. Die kan in 15 minuten ook Brussel treffen en kan geladen worden met nucleaire koppen. Het is een zeer duidelijk, niet mis te verstaan signaal", legt Ramaekers uit.
Het Kremlin toont zijn tanden (en zijn wanhoop)
De Oresjnik — Russisch voor 'hazelnoot' — is in feite een gemodificeerde intercontinentale ballistische raket (ICBM), ontworpen om de meest geavanceerde westerse luchtafweersystemen, zoals de Amerikaanse Patriot-batterijen, volstrekt waardeloos te maken. Met een snelheid die oploopt tot Mach 10 (tien keer de snelheid van het geluid) is de raket simpelweg te snel om te worden onderschept. De impact in Kiev, gericht op vitale infrastructuur en beslissingscentra, liet een ravage achter die de destructieve kracht van dit wapen pijnlijk onderstreepte, zelfs zonder nucleaire lading.
Toch schuilt achter deze spierballentaal een diepere, bittere realiteit voor Moskou. Volgens Ramaekers is het inzetten van zo'n peperduur technologisch monster paradoxaal genoeg een teken van zwakte.
"Het is tegelijkertijd een waarschuwing uit onmacht. Rusland krijgt het hoe langer hoe moeilijker. Zowel economisch in eigen land, als militair op het terrein."
Op het slagveld in de Donbas boeken de Russische troepen immers slechts marginale, bloederige vooruitgang ten koste van gigantische verliezen. De beloofde snelle overwinning is verder weg dan ooit. "Dat is natuurlijk uitermate pijnlijk en gevaarlijk voor de positie van de president", analyseert de oorlogsjournalist. "Hij begint dat hoe langer hoe meer te voelen; ook in eigen land wordt de kritiek groter en groter."
De nucleaire gijzeling van Brussel
Juist omdat de conventionele oorlogsmachine van Rusland vastloopt en de economische sancties beginnen te bijten, grijpt Poetin naar zijn ultieme troefkaart: de nucleaire chantage. Door een raket te lanceren die theoretisch binnen een kwartier de NAVO-hoofdkwartieren in Brussel of de Europese hoofdsteden kan verpulveren, probeert het Kremlin de westerse steun aan Oekraïne te verlammen.
De impliciete boodschap die Poetin hiermee afgeeft aan de Amerikaanse president en de Europese leiders is volgens Ramaekers glashelder: "Pas op hoe ver je mij tegen de muur duwt, want ik zou wel eens harder en verwoestender kunnen uithalen dan jullie je kunnen voorstellen. Hij zegt eigenlijk: 'Kijk, hier ben ik toe in staat'."
Het doel van de aanval op Kiev was dan ook niet primair het vernietigen van een specifiek militair doel, maar het creëren van strategische paniek in het Westen. Het moet de bondgenoten van Oekraïne doen twijfelen over het leveren van nog zwaardere langeafstands-wapens.
Moeten we ons nu acuut opmaken voor een nucleaire Apocalyps? Ramaekers probeert de gemoederen te sussen, al blijft de situatie uiterst precair. Dat de Russische dictator wordt gedreven tot "dreigen met het ondenkbare" — de daadwerkelijke inzet van nucleaire wapens — betekent niet dat de rode knop morgen wordt ingedrukt. "Ik denk niet dat het echt zover zal komen", besluit de oorlogsjournalist nuchter. "Maar het feit dat je ermee dreigt, is best wel onrustwekkend." De Oresjnik heeft zijn werk als angstaanjagend diplomatiek drukmiddel in elk geval gedaan.