Tijdens warme en droge zomers is het voor veel tuinliefhebbers een terugkerende vraag: hoe vaak moet je het
gazon water geven? Sommigen zetten elke avond de sproeier aan, terwijl anderen het gras wekenlang zonder water laten. Maar wat is nu eigenlijk de beste aanpak?
Volgens tuinspecialisten hangt het antwoord af van het weer, de bodem en de leeftijd van het gazon. Eén ding staat wel vast: dagelijks een klein beetje water geven is meestal geen goed idee.
Liever één keer veel dan elke dag een beetje
Een gezond gazon heeft baat bij een diepe bewatering. Door één of twee keer per week veel water te geven, dringt het vocht dieper in de bodem door. Daardoor worden de graswortels gestimuleerd om dieper te groeien, waardoor het gazon beter bestand is tegen droogte.
Wie daarentegen elke dag een klein laagje water geeft, maakt het gras afhankelijk van vocht aan het oppervlak. De wortels blijven ondiep en het gazon droogt tijdens een warme periode juist sneller uit.
Voor de meeste gazons adviseren tuinexperts ongeveer 15 tot 20 liter water per vierkante meter per gietbeurt. Dat is voldoende om de bodem enkele centimeters diep te bevochtigen.
Wanneer geef je het best water?
Ook het tijdstip speelt een belangrijke rol. De beste momenten zijn vroeg in de ochtend of, als dat echt niet lukt, later op de avond.
Water geven tijdens de heetste uren van de dag is weinig efficiënt. Een deel van het water verdampt nog voordat het de bodem bereikt. Bovendien kan de plant het vocht op dat moment minder goed opnemen.
De ochtend geniet daarom de voorkeur. Het gras kan dan gedurende de dag opdrogen, waardoor de kans op schimmelziekten kleiner wordt dan wanneer het gazon de hele nacht nat blijft.
Moet je altijd water geven?
Niet noodzakelijk. Gras is verrassend sterk. Tijdens langdurige droogte kan het gazon geel of lichtbruin kleuren. Dat betekent niet automatisch dat het dood is.
Veel grassoorten gaan in een soort rustfase wanneer er weinig water beschikbaar is. Zodra er opnieuw voldoende regen valt, herstelt een gezond gazon zich vaak binnen enkele weken.
Daarom raden veel tuinexperts aan om alleen te sproeien wanneer een langdurige droge periode wordt verwacht of wanneer het gazon intensief wordt gebruikt, bijvoorbeeld door spelende kinderen of huisdieren.
Nieuwe gazons vragen extra aandacht
Een pas ingezaaid gazon of nieuw gelegde graszoden vormen een uitzondering. Omdat de wortels nog niet diep ontwikkeld zijn, moeten ze de eerste weken veel regelmatiger water krijgen.
Bij graszoden is het belangrijk dat de ondergrond voortdurend licht vochtig blijft totdat de wortels stevig zijn vastgegroeid. Ook ingezaaid gras mag tijdens de kiemfase niet uitdrogen.
Na enkele weken kan geleidelijk worden overgeschakeld naar een normale bewateringsroutine.
Zo controleer je of je genoeg water geeft
Twijfel je of je gazon voldoende water krijgt? Steek dan een schop of grondboor enkele centimeters in de bodem.
Voelt de grond tot ongeveer 10 à 15 centimeter diep nog vochtig aan, dan heeft het gras doorgaans voldoende water gekregen. Is alleen de bovenste laag nat en is de ondergrond droog, dan was de sproeibeurt waarschijnlijk te kort.
Een eenvoudige regenmeter of een leeg conservenblik kan eveneens helpen om te controleren hoeveel water de sproeier daadwerkelijk afgeeft.
Slim omgaan met water
Door de drogere zomers wordt zorgvuldig omgaan met water steeds belangrijker. Regenwater uit een regenput is ideaal voor het besproeien van de tuin. Het bevat minder kalk dan leidingwater en helpt tegelijk om kostbaar drinkwater te besparen.
Daarnaast kun je de bodem beter beschermen door het gras niet te kort af te maaien tijdens warme periodes. Een maaihoogte van ongeveer 5 tot 7 centimeter zorgt ervoor dat de bodem langer vochtig blijft en de wortels minder snel uitdrogen.
De belangrijkste vuistregel
Voor een gezond gazon geldt één eenvoudige regel: geef liever één of twee keer per week een flinke hoeveelheid water dan elke dag een klein beetje. Combineer dat met sproeien in de vroege ochtend en een iets hogere maaihoogte tijdens warme periodes, en je gazon zal veel beter bestand zijn tegen droogte.
Zo blijft het gras niet alleen groener, maar ontwikkelt het ook een sterker wortelstelsel dat toekomstige hitteperiodes veel gemakkelijker doorstaat.