Het voelt voor veel automobilisten behoorlijk wrang: je wordt geflitst, er wordt een correctie toegepast en op je proces-verbaal staat vervolgens bijvoorbeeld 51 km/u waar 50 km/u is toegestaan. Toch volgt er een boete. En sinds 1 juli 2026 kan die eerste snelheidsboete bovendien bijna 70 euro bedragen.
Dat bedrag lijkt op het eerste gezicht hoog voor slechts 1 kilometer per uur te snel. Maar de berekening zit iets anders in elkaar dan veel bestuurders denken.
De gecorrigeerde snelheid telt
Wanneer een snelheidscamera een overtreding vaststelt, worden er twee snelheden vermeld: de snelheid die het toestel heeft gemeten en de gecorrigeerde snelheid. Voor de berekening van de boete wordt die gecorrigeerde snelheid gebruikt. Die correctie gebeurt automatisch in het voordeel van de bestuurder.
Staat er bijvoorbeeld een snelheidslimiet van 50 km/u en meet de camera een hogere snelheid, dan wordt die meting volgens de geldende regels gecorrigeerd. Blijft de gecorrigeerde snelheid vervolgens op 51 km/u steken, dan is er juridisch nog altijd sprake van een snelheidsovertreding.
Er bestaat dus geen wettelijke marge waarbij 1 km/u boven de limiet automatisch wordt genegeerd. De correctie is geen extra toegestane snelheid. Ze is bedoeld om rekening te houden met de meetmarge van het toestel.
Waarom kost 1 km/u te snel nu bijna €70?
Hier zit een belangrijke recente verandering.
Sinds 1 juli 2026 zijn de bedragen voor onmiddellijke inningen met 10 procent verhoogd. Voor snelheidsovertredingen bedraagt de basisboete voor de eerste 10 km/u te snel nu 58 euro, tegenover 53 euro voordien. Daarbovenop komt in 2026 een administratieve toeslag van 10,67 euro.
Wie dus na correctie bijvoorbeeld 51 km/u rijdt waar 50 km/u is toegestaan, valt in de categorie van 1 tot en met 10 km/u te snel.
De berekening is dan:
58 euro boete + 10,67 euro administratieve toeslag = 68,67 euro.
Dat verklaart dus de bedragen van ongeveer 68 à 69 euro waar automobilisten momenteel over klagen.
Het maakt niet uit of je 1 of 10 km/u te snel bent
Een opvallend detail is dat er binnen de eerste categorie geen verschil wordt gemaakt tussen bijvoorbeeld 1 km/u en 10 km/u te snel.
Bij een gecorrigeerde snelheid van 51 km/u in een zone van 50 km/u betaal je dezelfde basisboete als bij een gecorrigeerde snelheid van 60 km/u: 58 euro, plus de administratieve toeslag.
Pas wanneer je boven de eerste 10 km/u overschrijding komt, loopt het bedrag verder op.
In een bebouwde kom, zone 30, schoolomgeving, woonerf of erf kost iedere bijkomende kilometer boven die eerste tien vanaf juli 2026 12 euro. Op andere wegen bedraagt dat 7 euro per bijkomende kilometer.
Dus: mag je 6 km/u sneller rijden?
Nee. Dat is een hardnekkig misverstand.
De vaak genoemde 'correctie' betekent niet dat je bijvoorbeeld in een zone 50 probleemloos 56 km/u mag rijden. De politie berekent de overtreding op basis van de gecorrigeerde snelheid. Als die gecorrigeerde snelheid boven de toegestane maximumsnelheid ligt, kan er een boete volgen.
Daarom kan het ook gebeuren dat iemand denkt netjes binnen de marge van de flitser te zijn gebleven, maar toch een boete ontvangt.
Waarom bestaat die correctie dan?
De correctie is er juist om te vermijden dat een bestuurder wordt bestraft op basis van een mogelijke meetafwijking van het meettoestel. De snelheid die uiteindelijk juridisch wordt gebruikt, is dus niet simpelweg de ruwe meting van de camera.
Dat betekent tegelijk dat je als bestuurder geen recht kunt ontlenen aan die correctie. De wettelijke maximumsnelheid blijft de maximumsnelheid.
En er is nog een reden om niet alleen naar die eerste boete te kijken. Bij grotere overschrijdingen kunnen de bedragen snel oplopen en kan een zaak uiteindelijk voor de rechtbank komen. Op bepaalde plaatsen gelden bovendien strengere regels.
De conclusie is daarom simpel: wie na de officiële correctie nog 1 km/u boven de limiet zit, heeft juridisch wel degelijk een snelheidsovertreding begaan. De huidige prijs daarvan bedraagt bij een onmiddellijke inning 58 euro plus 10,67 euro administratieve toeslag, oftewel 68,67 euro. Het voelt misschien als veel geld voor één kilometer per uur, maar de wet maakt binnen die eerste categorie geen onderscheid tussen één en tien kilometer per uur te snel.