Frietjes: we weten allemaal dat ze niet bepaald health food zijn… maar tegelijk zijn ze voor veel Belgen pure comfort. En helemaal verbannen? Dat is voor de meesten simpelweg geen optie. Maar hoe vaak kan je ze eten zonder dat je gezondheid eraan moet geloven? Gezondheidsdeskundigen geven opvallend concrete richtlijnen – en die vallen beter mee dan je zou denken.
Frieten op zich zijn niet het grootste gevaar. Het zijn vooral de porties, de bakwijze en wat je erbij eet die bepalen hoe hard je lichaam moet werken om alles te verwerken. Wie elke week een grote friet met stoofvleessaus, bitterballen en mayonaise wegwerkt, ja… die krijgt een pak meer calorieën en verzadigde vetten binnen dan iemand die een kleinere portie kiest met een lichtere topping.
Volgens voedingsdeskundigen verhoogt frequent frituurvet de kans op ontstekingen, hart- en vaatziekten en gewichtstoename. Maar – en dat is het goede nieuws – het gaat vooral om hoeveel en hoe vaak.
Wil je je gezondheid niet onder druk zetten? Dan geeft de meeste moderne voedingsliteratuur dezelfde aanbeveling:
1 keer per week frietjes is oké,
maar ideaal is 2 tot 3 keer per maand.
Dat klinkt strenger dan we zouden willen horen, maar het biedt wél ruimte voor plezier zonder schuldgevoel. In die frequentie blijft het risico op negatieve gezondheidseffecten beperkt, zeker als je over de rest van de week relatief evenwichtig eet.
Hoe maak je frietjes minder ‘ongezond’?
Wie graag frieten eet, kan met een paar kleine aanpassingen veel winnen:
- Kies kleinere porties.
- Vermijd extra snacks zoals frikandellen en bitterballen.
- Ga voor ketchup, currysaus of light-mayo in plaats van volle mayo.
- Thuis? Gebruik een airfryer: tot 70% minder vet.
Het is geen oproep om streng te worden. Integendeel: gezond leven draait om balans, niet om perfectie. En ja, een frietje op vrijdag of zaterdag hoort daar soms gewoon bij.
Je hoeft frietjes echt niet te bannen. Eén keer per week kan, maar 2 à 3 keer per maand is de gezondste keuze. En alles hangt zoals altijd af van wat je ernaast eet, hoe groot je portie is en hoe je de rest van de week compenseert.
Smakelijk én met mate: dat blijft de beste formule.