Minister krijgt lastige vraag over leefloners: "Die cijfers hebben we niet"

04 aug , 12:00Politiek
Anneleen van Bossuy
Wie in België aanspraak maakt op een leefloon, begeeft zich in een strak gereguleerd systeem. Een fundamentele voorwaarde is even helder als absoluut: men moet effectief in België verblijven. Toch duikt er regelmatig de vraag op hoeveel begunstigden tijdelijk of langdurig de landsgrenzen oversteken. Uit recente parlementaire vragen blijkt dat de federale overheid hierover in het duister tast. Een centrale databank ontbreekt, en dat leidt tot politiek vuurwerk.

Snelle feiten op een rij:

  • 174.000: Het aantal leefloners in België.
  • 565: Het aantal zelfstandige OCMW's in het land.
  • 861: Het aantal schorsingen van leeflonen in 2025 wegens te lang verblijf in het buitenland.

De regels: maximaal één maand

In de praktijk mogen leefloners maximaal vier weken per jaar naar het buitenland, op voorwaarde dat dit vooraf wordt gemeld aan het lokale OCMW. Wie de grens oversteekt voor een langere periode, ziet zijn uitkering in principe onmiddellijk stopgezet. Uitzonderingen zijn uitsluitend mogelijk mits expliciete goedkeuring van een maatschappelijk werker — bijvoorbeeld in het geval van mantelzorg voor een ziek familielid in het thuisland of een buitenlandse stage in het kader van een studie- of re-integratietraject.
Maar hoeveel van dergelijke uitzonderingen er momenteel precies lopende zijn, is onbekend. Toen Kamerlid Ellen Samyn (Vlaams Belang) hiernaar peilde bij federaal minister van Maatschappelijke Integratie Anneleen Van Bossuyt (N-VA), bleek dat de federale administratie over deze cijfers simpelweg niet beschikt. De informatie zit versnipperd over de maar liefst 565 afzonderlijke OCMW’s in het land.

Politieke clash: centraal register versus lokale autonomie

De vaststelling schiet bij de oppositie in het verkeerde keelgat. "De federale overheid financiert de OCMW’s. Het is onbegrijpelijk dat er niet centraal wordt bijgehouden of ons belastinggeld correct wordt besteed," klinkt het scherp bij Vlaams Belang. De partij pleit openlijk voor een verregaande hervorming: een centraal register, overheveling van de OCMW-financiering naar de gewesten, en strengere centrale controle.
"Het leefloon is geen vakantiebudget om maandenlang in de zon te verblijven. Het is een vangnet of een springplank naar werk." — Minister Anneleen Van Bossuyt
Het kabinet van minister Van Bossuyt werpt daarentegen op dat een centrale databank indruist tegen de logica van het systeem. OCMW’s zijn en blijven autonome lokale instellingen. Omdat zij de individuele dossiers opvolgen en hun cliënten rechtstreeks begeleiden, zijn zij het best geplaatst om in te schatten of een uitzondering verantwoord is. Een verplichte centrale registratie zou volgens de minister enkel extra administratieve rompslomp betekenen voor medewerkers die sowieso al onder druk staan.

Controle achter de schermen

De minister pareert kritiek over mogelijke misbruiken door te wijzen op de cijfers. Zo werden er vorig jaar landelijk 861 leeflonen geschorst omdat betrokkenden de buitenlandtermijn overschreden. Bovendien voert de federale inspectiedienst gerichte controles uit op de werking van de OCMW’s, waarbij in 2025 geen enkele inbreuk werd vastgesteld op dit specifieke domein.
Toch blijft het debat gevoelig. Incidenten uit het verleden, zoals het dossier rond het OCMW in Anderlecht, tonen volgens critici aan dat de vinger aan de pols niet overal even strak wordt gehouden. De minister kondigt alvast aan dat de federale inspectie de komende periode verder wordt versterkt om risicozones proactief in het visier te nemen, met als ultieme doel te garanderen dat de sociale vangnetten correct en doelgericht blijven functioneren.
Bron: hln
loading

Loading