Terwijl de federale regering zich opmaakt voor bikkelharde begrotingsgesprekken, ligt het budget van Defensie plots weer op de snijtafel. Coalitiepartners Vooruit en CD&V aanzien de militaire uitgaven als een ideale post om te saneren. Een absolute rode lijn voor minister van Defensie
Theo Francken (N-VA). In de HLN-podcast
Het Rapport van de Wetstraat haalt hij scherp uit naar zijn regeringsgenoten: “Het idee dat we nu als het enige land ter wereld minder zouden uitgeven? Dat lijkt me vreemd, bijzonder onverstandig en niet solidair.”
De politieke miljardendans
Het heropgelaaide debat draait rond de felbevochten NAVO-norm. Ons land bereikte vorig jaar eindelijk de verplichte defensie-uitgave van 2 procent van het bruto binnenlands product (bbp), goed voor een budget van 12,7 miljard euro. Nu de begrotingsdruk stijgt, ruiken vicepremier Frank Vandenbroucke (Vooruit) en CD&V-voorzitter Sammy Mahdi echter een opportuniteit om snel 1 miljard euro te besparen door die investeringen te temporiseren.
Francken herinnert zijn partners aan de gemaakte engagementen. “We hebben afgesproken dat we die 2 procent voor investeringen in Defensie aanhouden tot 2029. Het is een afspraak binnen de regering en zo is het ook doorgegeven aan de NAVO”, klinkt het resoluut.
3 euro versus 55 euro
De defensieminister pikt de kritiek dat er te veel geld naar het leger vloeit niet en plaatst de 12,7 miljard euro in een breder perspectief. “Aan de sociale zekerheid spenderen we 130 miljard euro. Omgerekend is dat 55 euro per 100 euro belastinggeld. Voor Defensie is dat amper 3 euro”, rekent Francken voor.
Volgens de minister is besparen in de huidige geopolitieke context ronduit gevaarlijk en wijst hij met de vinger naar het verleden. “De wereld staat in brand en toch vinden sommige partijen dat schandalig veel. Het zijn diezelfde partijen die ons defensie-apparaat hebben kapot bespaard. Zij die het hebben over geldverspilling moeten het dan maar zelf uitleggen aan de kiezer.” De toon voor het begrotingsconclaaf is gezet.