Duizenden verliezen uitkering, maar amper één op de tien vindt werk

26 jun , 10:00Politiek
Bart De Wever
De miljardenbesparing die de regering-De Wever voor ogen had met het inperken van de werkloosheidsuitkeringen tot maximaal twee jaar, kent een moeizame start. Hoewel de federale overheid dit jaar mikt op een besparing van 900 miljoen euro — oplopend tot 1,9 miljard euro tegen 2029 — laat de realiteit op de werkvloer een ander beeld zien. Uit een geheime RVA-studie naar de eerste 46.000 langdurig werklozen (die langer dan acht jaar stempelden) blijkt dat de grote uitstroom naar de arbeidsmarkt uitblijft. Slechts 9,3 procent vond in de eerste maanden daadwerkelijk een baan. Dat meldt Het Laatste Nieuws.
Het leeuwendeel van deze groep activeert niet, maar verhuist simpelweg binnen de sociale zekerheid. Ruim de helft (53 procent) ruilde de stempelkaart in voor een ander vangnet: 43,5 procent belandde bij het OCMW met een leefloon, terwijl bijna 10 procent doorschoof naar een ziekte- of invaliditeitsuitkering.

Openstaande achterdeurtjes

Volgens arbeidseconoom Stijn Baert (UGent) legt dit een pijnlijk constructiefoutje bloot. Terwijl de voordeur van de werkloosheid stevig werd afgesloten, bleven de achterdeuren wagenwijd openstaan. OCMW’s worden financieel niet geprikkeld om mensen te activeren, en ook de mutualiteiten treden volgens Baert niet streng genoeg op als poortwachters.
Opvallend is bovendien de communautaire kloof in de statistieken:
  • Wallonië: De helft stroomde door naar het OCMW, terwijl slechts 7 procent op de ziekenkas belandde.
  • Vlaanderen: Slechts een derde claimde een leefloon, maar liefst 20 procent vluchtte in de ziekteverzekering. Dit verschil verklaren experts door het feit dat Vlamingen vaker een werkende partner hebben, waardoor ze geen recht hebben op een leefloon en de ziekenkas de enige resterende optie is.

Hoop op beterschap

Toch predikt federaal minister van Werk David Clarinval (MR) optimisme. Deze eerste golven betroffen de harde kern die al meer dan acht jaar aan de kant stond. Bij de recentere groepen (mensen die tussen de vier en acht jaar thuiszitten) liggen de cijfers met 27 procent werkenden al aanzienlijk hoger. Daarnaast verdween bijna 37 procent volledig uit de tabellen; zij hebben nergens meer recht op. Voor de schatkist is dat de grootste directe winst, al blijft het de vraag of deze hervorming de arbeidsmarkt écht structureel zal versterken.
loading

Loading