Veel Belgen die dicht bij de grens wonen, maken er een gewoonte van: voor de wekelijkse grote boodschappen rijden ze naar Nederland, Frankrijk of Duitsland. Of het nu gaat om specifieke merkproducten, cosmetica of frisdrank, de kassabon in de buurlanden valt voor veel productcategorieën vaak een stuk lager uit.
Dat is geen inbeelding, maar een economische realiteit. Onderzoek van onder meer het Belgische Prijzenobservatorium en sectorfederatie Comeos toont aan dat supermarktprijzen in België gemiddeld hoger liggen dan in Duitsland en Nederland. Hoe komt dat nu precies? Dit zijn de belangrijkste redenen achter het prijsverschil.
1. De Belgische loonkostenhandicap
De grootste boosdoener voor de hogere prijzen in de Belgische winkelrekken is de kostprijs van arbeid. België kent een systeem van automatische loonindexering. Als het leven duurder wordt, stijgen de lonen van het winkel- en distributiepersoneel automatisch mee.
Hoewel dit de koopkracht van de werknemer beschermt, drijft het de operationele kosten voor Belgische supermarkten fors op ten opzichte van de buurlanden. Omdat supermarkten met flinterdunne winstmarges werken, rekenen zij die hogere loonkosten uiteindelijk door in de prijs van de producten.
2. Territoriale leveringsbeperkingen (de 'A-merken-taks')
Een frustratie die Belgische supermarkten al jaren delen, zijn de zogeheten territoriale leveringsbeperkingen. Grote internationale retailgiganten (zoals Coca-Cola, Unilever of Procter & Gamble) verplichten Belgische supermarkten om hun producten aan te kopen via de Belgische dochteronderneming van de fabrikant.
Belgische supermarkten mogen hun voorraad met andere woorden niet zomaar goedkoper inkopen in Frankrijk of Duitsland, waar de markt groter is en de inkoopprijzen lager liggen. Omdat België een relatief kleine afzetmarkt is, betaalt de Belgische retailsector bij de start van de keten vaak al een hogere inkoopprijs voor exact dezelfde merkproducten.
3. Fiscaliteit en taksen
Ook de Belgische overheid draagt via belastingen bij aan de hogere kassabon. Denk hierbij aan de gezondheidsshift en de zogenaamde suikertaks op frisdranken. Ook de verpakkingstaksen en de kosten voor het recyclagesysteem (Fost Plus) wegen financieel door op de ketens. In vergelijking met bijvoorbeeld Duitsland of Frankrijk, waar de accijnzen of btw-tarieven op bepaalde productgroepen lager liggen, start het product in de Belgische rekken met een fiscale achterstand.
4. Schaalgrootte van de buurlanden
Duitsland en Frankrijk hebben een enorme binnenlandse markt. Supermarktketens zoals Edeka (Duitsland) of E.Leclerc (Frankrijk) kunnen door hun gigantische volumes enorme kortingen bedingen bij producenten. Een Belgische supermarktketen heeft simpelweg niet de schaalgrootte om dezelfde volumekortingen af te dwingen, waardoor de uiteindelijke consumentenprijs hoger ligt.
De nuance: Wat is er in België wél goedkoper?
Hoewel de totale winkelkar in België vaak duurder uitvalt, is de Belgische supermarkt zeker niet op elk vlak de verliezer. Uit prijsvergelijkingen blijkt dat er ook productcategorieën zijn waarin België juist heel competitief scoort:
- Huismerken en budgetmerken: De basisproducten van de eigen supermarktmerken zijn in België vaak scherp geprijsd en kunnen de vergelijking met het buitenland prima doorstaan.
- Verse producten (Groenten en fruit): Dankzij een sterke lokale veilingcultuur en korte ketens zijn verse groenten, fruit en Belgisch kwaliteitsvlees in eigen land vaak goedkoper en kwalitatief sterker dan over de grens.
- Belgisch bier: Door de sterke binnenlandse concurrentie en traditie blijft de bierrayon in de Belgische supermarkt nergens zo goedkoop als thuis.
Kortom
Wie louter op zoek is naar internationale A-merken, cosmetica, verzorgingsproducten en frisdrank, doet inderdaad vaak een goede zaak over de grens. Dat prijsverschil wordt echter niet gedreven door 'graaicultuur' van de Belgische supermarkten, maar is het directe logische gevolg van de hogere loonkosten, strenge inkooprestricties en specifieke Belgische taksen.