Gedaan met de 'negen maanden': Sancties voor werklozen voortaan direct voelbaar

14 jan , 10:00Binnenland
Zuhal Demir
Terwijl duizenden Vlamingen deze maand hun uitkering zien verdwijnen door de nieuwe federale wetgeving, rommelt het in het hart van de Vlaamse politiek over de rol van de VDAB. Minister van Werk Zuhal Demir (N-VA) belooft een "stok achter de deur", maar de cijfers vertellen een verhaal van dalende sancties. Dat schrijft De Morgen. Hoe kan dat, en wat betekent dit voor de tienduizenden mensen die nu uit het systeem vallen?
Het jaar 2026 is voor de Belgische arbeidsmarkt een jaar van "alles of niets". Sinds 1 januari is de beperking van de werkloosheidsuitkering in de tijd een keiharde realiteit geworden. Voor wie al twintig jaar of langer thuiszit, stopte de teller op nieuwjaarsdag. In totaal stevenen we dit jaar af op 60.000 Vlamingen die hun uitkering verliezen. Volgens ramingen zal een derde van hen opnieuw de weg naar werk vinden, maar een even grote groep dreigt rechtstreeks bij het OCMW te belanden.

De cijfers van de onenigheid

Midden in deze storm werpt Vlaams Parlementslid Robrecht Bothuyne (CD&V) een bommetje. Hij ontdekte dat het aantal sancties dat de VDAB uitdeelt aan onwillige werklozen sinds 2023 juist in een dalende lijn zit. Dat is opmerkelijk, omdat de retoriek van minister Demir juist luider is dan ooit: wie niet meewerkt, moet het voelen. "Als je tegen werklozen zegt dat er een stok achter de deur staat, dan moet die er ook echt zijn", stelt Bothuyne. Hij vreest dat de VDAB te laks is geworden op het moment dat de druk op de arbeidsmarkt historisch hoog is.
Minister Demir pareert die kritiek door te wijzen op het nieuwe beleid dat deze maand pas echt uit de startblokken is geschoten. De daling in de cijfers zou volgens haar kabinet juist de reden zijn waarom de regels per 1 januari zijn aangescherpt. Werkzoekenden krijgen voortaan nog maar één kans om hun gedrag bij te sturen. Bovendien is de tijd tussen een inbreuk en de financiële straf drastisch ingekort: van negen maanden naar amper twee maanden. Het doel is dat een sanctie direct "pijn" doet, in de hoop dat de werkzoekende sneller in actie schiet.

De kloof bij de jeugd

Een tweede opvallende trend is de aanpak van jongeren. Terwijl de algemene sancties dalen, krijgt de VDAB juist een steeds kritischer oog voor schoolverlaters. Het aantal negatieve evaluaties tijdens de beroepsinschakelingstijd is op korte tijd verdubbeld. De realiteit is echter hard: ondanks die strengere controles blijft de jeugdwerkloosheid stijgen. Jongeren lijken steeds vaker de juiste competenties te missen of staan door persoonlijke problemen te ver van de werkvloer af. Demir heeft daarom een klein leger van 72 gespecialiseerde jongerenbemiddelaars ingezet om deze groep persoonlijker — maar ook stringenter — te begeleiden.

OCMW als laatste reddingsboei

De grote vraag voor de rest van 2026 is hoe de samenwerking tussen de VDAB en de lokale OCMW's zal verlopen. Als een werkloze na twee jaar zijn uitkering verliest en op een leefloon terugvalt, verdwijnt hij uit de directe controle van de RVA, maar hij mag niet verloren gaan voor de arbeidsmarkt. Bothuyne en andere critici dringen aan op een "aanklampend beleid" waarbij de VDAB deze mensen blijft opvolgen, zelfs als ze al bij het OCMW zitten.
De komende maanden zullen cruciaal zijn. Als de sanctiecijfers laag blijven terwijl de werkloosheid niet evenredig daalt, zal de druk op minister Demir en de top van de VDAB alleen maar toenemen. De "new deal" die de minister aankondigde, moet zich nu in de praktijk bewijzen: een snellere, kortere procedure die werklozen niet alleen straft, maar vooral sneller naar die ene openstaande vacature loodst.
loading

Loading