Na maanden waarin vooral
Rusland langzaam terrein won, lijkt het momentum aan het front voorzichtig te verschuiven. Volgens analyses van het gezaghebbende Institute for the Study of War (ISW) heeft Oekraïne de afgelopen weken meer vooruitgang geboekt dan op enig ander moment sinds de Russische inval in de regio Koersk, inmiddels twee jaar geleden.
Vooral in het noordoosten boeken Oekraïense troepen succes. Zo zou een groot deel van de strategisch belangrijke omgeving rond Koepjansk opnieuw onder Oekraïense controle zijn gekomen. Ook aan het zuidelijke en zuidoostelijke front worden kleine, maar symbolisch belangrijke stappen vooruit gezet.
Dat contrasteert sterk met vorig jaar, toen Oekraïne het moeilijk had en beetje bij beetje terrein verloor. Hoewel de frontlijn toen amper grote verschuivingen kende, zat Rusland duidelijk vaker in de aanval. Een nieuw Russisch voorjaarsoffensief leek lange tijd een reële dreiging, maar volgens ISW is dat voorlopig afgeblokt door gerichte Oekraïense tegenacties.
Opvallend is dat Rusland nu vaker lijkt te reageren dan zelf het tempo te bepalen. Oekraïne voert volgens eigen cijfers momenteel meer aanvallen uit dan Rusland, wat wijst op een veranderende dynamiek op het slagveld.