België blijft kampen met een hogere inflatie dan de meeste andere landen in de eurozone. Nieuwe cijfers tonen aan dat de prijzen in juli opnieuw sneller stegen dan in de buurlanden, waarbij vooral de energiefactuur een grote rol speelt. Economen waarschuwen bovendien dat de aanhoudende inflatie op langere termijn ook gevolgen kan hebben voor bedrijven en de overheidsfinanciën. Dat meldt Business AM.
Energie blijft de grote motor achter de prijsstijgingen
Volgens de meest recente inflatiecijfers bedroeg de inflatie in België in juli 3,5 procent. Daarmee ligt ons land boven Frankrijk (2,4 procent), Duitsland (2,8 procent), Nederland (2,9 procent) en Luxemburg (3,4 procent).
De belangrijkste verklaring ligt bij de energieprijzen. Die stegen in België op jaarbasis met 14,3 procent, aanzienlijk meer dan in de buurlanden. Vooral aardgas en elektriciteit werden fors duurder. Brandstoffen zoals benzine en diesel kenden daarentegen een minder sterke prijsstijging dan in de omringende landen.
Waarom energie in België sneller duurder wordt
Volgens econoom Eric Dor van IESEG School of Management spelen twee factoren een belangrijke rol.
België telt relatief veel huishoudens met variabele energiecontracten. Daardoor worden prijsstijgingen op de internationale energiemarkten sneller doorgerekend aan consumenten dan in landen waar vaste contracten vaker voorkomen.
Daarnaast wordt de Belgische inflatie beïnvloed door de manier waarop energieprijzen worden opgenomen in de consumentenprijsindex. Daarbij wordt sterk gekeken naar actuele aanbiedingen voor nieuwe contracten, waardoor prijsstijgingen sneller zichtbaar worden in de officiële inflatiecijfers.
Niet alleen energie wordt duurder
Ook wanneer energie buiten beschouwing wordt gelaten, blijft België duurder dan de meeste buurlanden.
De inflatie zonder energie kwam uit op 2,6 procent, terwijl ook de kerninflatie – waarbij energie en onbewerkte voedingsmiddelen niet worden meegerekend – hoger lag dan in de meeste omliggende landen.
Vooral de dienstensector springt daarbij in het oog. Diensten zoals horeca, persoonlijke verzorging en verschillende commerciële dienstverlening werden gemiddeld 4,1 procent duurder.
Voedingsprijzen vormen uitzondering
Opvallend genoeg bleef de prijsstijging voor voedingsmiddelen, alcohol en tabak relatief beperkt. In die categorie bedroeg de inflatie slechts 0,9 procent, wat aanzienlijk lager ligt dan de stijgingen bij energie en diensten.
Mogelijke gevolgen op langere termijn
De hogere inflatie heeft niet alleen gevolgen voor de koopkracht van gezinnen. België kent een systeem van automatische loonindexering, waardoor lonen stijgen wanneer de prijzen oplopen.
Dat beschermt werknemers tegen koopkrachtverlies, maar verhoogt tegelijk de loonkosten voor ondernemingen. Volgens econoom Eric Dor kan dat op langere termijn wegen op het concurrentievermogen van Belgische bedrijven en ook de druk op de overheidsfinanciën vergroten.
Zolang de energieprijzen hoog blijven en de inflatie boven die van de buurlanden uitstijgt, blijft België dus voor een belangrijke economische uitdaging staan.