Dit Vlaamse dorp lijkt zo uit Frankrijk geplukt

12 jul , 11:00Lifestyle
Dorp
doorSarah Maes
Wie aan West-Vlaanderen denkt, droomt algauw weg bij de middeleeuwse reitjes van Brugge of de zilte zeelucht van de kust. Maar helemaal in het uiterste hoekje van de provincie, pal op de Franse grens, ligt een dorp verscholen dat zijn mysterie al decennia op unieke wijze bewaakt. Watou, een deelgemeente van de hoppestad Poperinge, is de belichaming van wat de Fransen zo mooi la France profonde noemen, maar dan met een onvervalste Vlaamse ziel. Het is een plek waar het glooiende landschap van de Westhoek overgaat in een dromerig decor van hoppervelden, historische hoeven en een rust die in het jachtige Vlaanderen bijna onwerkelijk aanvoelt.

Waar bier en poëzie elkaar ontmoeten

Wat Watou zo uniek maakt, is de surrealistische paradox waarin het dorp leeft. Enerzijds is het de bakermat van het pure, vloeibare vakmanschap. Met twee wereldberoemde brouwerijen binnen de dorpsgrenzen — Brouwerij St.Bernardus en Brouwerij Leroy (bekend van het Kapittelbier) — ademt het dorp de geur van hop en mout. Toeristen stromen in de zomermaanden naar de indrukwekkende rooftopbar Bar Bernard, die een panoramisch 360 graden-uitzicht biedt over de golvende grensstreek.
Anderzijds muteert dit rustieke brouwersdorp elke zomer in een internationaal avant-gardistisch kunstencentrum. Het Kunstenfestival Watou, dat al sinds 1981 bestaat, trekt dichters, schilders en installatiekunstenaars uit alle windstreken. Wat dit festival zo magisch maakt, is dat de kunst niet in steriele witte museumzalen hangt. De gedichten en kunstwerken nestelen zich in actieve boerderijen, tussen de bierketels van oude mouterijen, in parochiezalen en in de schaduw van de monumentale Sint-Brixiuskerk. Het hele dorp wordt een levende expositie, waarbij de grens tussen de lokale dorpsbewoner en de intellectuele kunstenaar volledig vervaagt.

Onthaasten langs de 'Schreve'

Wanneer de herfst invalt en de kunstenaars vertrekken, keert Watou terug naar zijn authentieke plooi. Dat is misschien wel het beste moment om de ware aard van deze verborgen parel te ontdekken. Het dorp ligt pal aan 'de Schreve', de legendarische en grillige grenslijn tussen België en Frankrijk. Deze regio was vroeger het decor van blauvers (smokkelaars) die in de dichte mist tabak, boter en alcohol over de grens probeerden te loodsen om de douane te slim af te zijn.
Vandaag de dag zijn de voormalige smokkelpaden omgevormd tot een paradijs voor wandelaars en wielertoeristen. Je kunt er uren dwalen over smalle landwegen zonder een auto tegen te komen. Het landschap wordt gedomineerd door metershoge hoppestaken die in de nazomer topzwaar zijn van de aromatische hopbellen.

Gastronomische nostalgie

Wie Watou bezoekt, kan niet om de culinaire nostalgie heen. Het dorpsplein, gekenmerkt door statige bomen en een kasseien wegdek, nodigt uit tot urenlang terrasjespikken. Hier vind je nog echte volkscafés en gastronomische herbergen waar de tijd is blijven stilstaan. Lokale specialiteiten zoals Poperingse Mazarinetaart (een warm gebak met kaneelsiroop) of een stevige potjesvlees worden hier met trots geserveerd, steevast vergezeld van een legendarische St.Bernardus Abt 12.
Watou bewijst dat een dorp geen pretpark hoeft te worden om te fascineren. Het bewaart de perfecte balans tussen cultuur van wereldniveau en de pure, onversneden Vlaamse klei. Het is een verborgen parel die zich niet zomaar blootgeeft aan de haastige passant, maar die zijn diepe, melancholische schoonheid pas toont aan wie bereid is om er even te vertragen.
loading

Loading