Verschillende Belgische gemeenten registreren een opvallende stijging van het aantal meldingen over rattenoverlast. Wie denkt dat er sprake is van een plotse populatie-explosie, zit er echter naast: de dieren zijn momenteel niet noodzakelijk met meer, maar wel veel zichtbaarder. Dat legt rattenexpert Tosca Vanroy van het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek (INBO) uit.
De aanhoudende zomerhitte en droogte zijn de voornaamste boosdoeners. Omdat ratten niet kunnen zweten, koelen ze af door hun lichaamswarmte af te geven aan de omgevingslucht. Wanneer het ondergronds te warm of benauwd wordt, vluchten ze naar koelere plekken boven de grond. Daarnaast dwingt het droogvallen van beken en riolen de dieren om op zoek te gaan naar bovengronds drinkwater. Ook lokale rioleringswerken verstoren regelmatig hun leefgebied, waardoor ze plots op straat of in tuinen opduiken.
Drie stappen in rattenbestrijding: van preventie tot klemmen
Om te voorkomen dat hittevluchtelingen hun intrek nemen in tuinen of woningen, is een slimme aanpak nodig. Bestrijdingsdeskundigen adviseren een stappenplan waarbij chemische middelen pas als allerlaatste optie gelden:
1. Preventie (de belangrijkste stap)
- Kippenvoer: Etensresten in de kippenren zijn een magneet voor knaagdieren. Geef kippen uitsluitend ’s ochtends eten en geef precies genoeg zodat er 's nachts niets blijft liggen. Bewaar voer altijd in luchtdichte, harde containers.
- Compost: Gebruik bij voorkeur een afgesloten compostvat in plaats van een open composthoop. Open hopen bieden ratten niet alleen een gedekte tafel, maar ook een ideale schuilplek.
- Opruimen: Verwijder rommel, houtstapels of opgeslagen materiaal rond het huis waar de dieren zich onder kunnen verschuilen.
2. Mechanische bestrijding (vallen en klemmen)
- Klassieke mechanische klemmen: Wanneer preventie niet volstaat, zijn grote klapvallen de meest effectieve én humane methode. Een krachtige klem breekt de nek van het dier, wat leidt tot een snelle en vrijwel pijnloze dood.
- Levend vangen is geen diervriendelijk alternatief: Het vangen van ratten in een kooi om ze elders (zoals in het bos) uit te zetten, leidt vrijwel altijd tot een schmadelijk einde. Het gedesoriënteerde dier wordt in een vreemd territorium snel aangevallen en gedood door aanwezige soortgenoten.
- Ultrasone toestellen werken tijdelijk: Apparaten die hoge geluidsgolven uitstoten lijken diervriendelijk, maar ratten wennen snel aan het geluid, waardoor het effect na korte tijd verdwijnt.
3. Chemische bestrijding (uiterste redmiddel)
Het gebruik van rattenvergif brengt grote risico's met zich mee. Vrijwel al het moderne vergif werkt op basis van anticoagulantia (bloedstollingremmers). De rat sterft pas na enkele dagen aan interne bloedingen. Deze trage werking is noodzakelijk omdat ratten intelligent zijn: als een dier meteen naast de voerdoos doodvalt, negeren soortgenoten het gif.
De gevaren van rattenvergif: resistentie en secundaire vergiftiging
Experts waarschuwen dat vergif te snel gegrepen wordt, wat tot ernstige neveneffecten leidt:
- Toenemende resistentie: Hoe vaker vergif wordt ingezet, hoe meer immuniteit de rattenpopulatie opbouwt. Hierdoor zijn steeds zwaardere doseringen of nieuwere werkzame stoffen nodig. Het INBO raadt aan om via hun databank te controleren tegen welk type gif de ratten in specifieke regio's al resistent zijn.
- Doorvergiftiging van roofdieren: Huisdieren (zoals honden en katten) en inheemse roofdieren (zoals uilen, buizerds, vossen en wezels) lopen een groot risico. Ze kunnen rechtstreeks van het lokaas eten, of indirect vergiftigd worden door het opeten van een verzwakte of dode rat die gif in haar lichaam heeft.
Verwachting
De verwachting is dat het probleem zich grotendeels vanzelf zal corrigeren zodra de temperaturen zakken en er weer voldoende neerslag valt. De ratten zullen dan terugkeren naar hun gebruikelijke, ondergrondse schuilplaatsen. Bij extreem hoge temperaturen treedt er onder de populatie zelfs oversterfte op.
Wie te maken heeft met een hardnekkige plaag, doet er goed aan contact op te nemen met de lokale gemeentedienst of een professionele, erkende ongediertebestrijder.