De dominantie van
Tadej Pogacar in het klassieke voorjaar roept steeds meer vragen op binnen het peloton. Na zijn derde overwinning in de Ronde van Vlaanderen lijkt de Sloveen niet alleen de sterkste, maar ook onaantastbaar.
Volgens
Jan Bakelants ligt daar precies het probleem. “Hoewel we het droompodium kregen waarop iedereen had gehoopt, voelde het ergens toch ook als een bekende film waarvan we de afloop al kenden.” De spanning in de koers lijkt te verdwijnen zodra Pogacar aanzet.
Dat gevoel wordt versterkt door zijn indrukwekkende reeks. “Sinds het WK in Kigali eind vorig seizoen won Pogacar letterlijk élke koers op zijn programma”, stelt Bakelants. Daarmee zet hij prestaties neer die historisch te noemen zijn, zelfs in vergelijking met de grootste namen uit de wielersport.
Opvallend is dat zelfs toppers als Mathieu van der Poel en Wout van Aert geen antwoord lijken te hebben. “Die mannen worden, op het eerste beste moment dat Pogacar het wil, gewoon versmacht”, klinkt het scherp. Ondanks indrukwekkende vermogenscijfers blijft het verschil groot.
"650 watt... dat is waanzinnig"
Bakelants wijst daarbij op de cijfers achter de prestaties. “Van der Poel vertelde dat hij 650 watt trapte… dat is gewoon waanzinnig.” Toch volstaat zelfs dat niveau niet om Pogacar te volgen wanneer die versnelt. Dat onderstreept de uitzonderlijke klasse van de Sloveen.
De vraag die blijft hangen, is hoe lang deze dominantie zal aanhouden. Waar concurrentie normaal zorgt voor spanning en onvoorspelbaarheid, lijkt Pogacar momenteel een categorie apart. “Er ís geen spanning meer. Of toch niet in de uitslag”, besluit Bakelants.