Steeds meer camera’s in Vlaanderen: zo snel krijgt u vandaag een GAS-boete

05 mrt , 13:00Verkeer
Trajectcontrole
Wie tegenwoordig door een Vlaamse dorpskern rijdt, kan er niet meer omheen: trajectcontroles en ANPR-camera’s schieten als paddenstoelen uit de grond. De cijfers liegen niet; in 2025 werd in Vlaanderen een recordaantal verkeersboetes en GAS-sancties uitgeschreven, samen goed voor inkomsten die in de tientallen miljoenen euro's lopen. De vraag die op ieders lippen ligt: is dit bedoeld om onze straten veiliger te maken, of simpelweg om de gaten in de gemeentebegroting te dichten?

De verschuiving van politie naar gemeente

Sinds de invoering van de zogenaamde "GAS 4"-wetgeving kunnen gemeenten zelf bepaalde kleine overtredingen bestraffen en innen, zoals fout parkeren, stilstaan waar dat niet mag of het blokkeren van fietspaden. Waar die boetes vroeger vaak via de politie en de federale overheid werden afgehandeld, belandt een deel van deze inkomsten vandaag rechtstreeks in de kas van de lokale overheid.
Dit heeft geleid tot een sterke investeringsgolf in technologie. Kleine gemeenten die vroeger nauwelijks controleerden, beschikken nu via samenwerkingen met politiezones of via publiek-private constructies over moderne camerasystemen. ANPR-camera’s worden bijvoorbeeld gebruikt om voertuigen te detecteren, terwijl trajectcontroles automatisch snelheidsovertredingen registreren. Die snelheidsovertredingen blijven wel federale verkeersboetes en vallen dus niet onder het GAS-systeem.

Het "begrotingsgat" van de lokale besturen

Het is geen geheim dat veel Vlaamse gemeenten financieel onder druk staan. De stijgende loonkosten door indexeringen en de investeringen in infrastructuur, mobiliteit en energie wegen zwaar op de begrotingen. In dat kader vormen inkomsten uit GAS-boetes en andere verkeerssancties voor sommige gemeenten een bijkomende bron van inkomsten.
Hoewel burgemeesters formeel benadrukken dat de controles vooral bedoeld zijn voor verkeersveiligheid en leefbaarheid, blijkt uit lokale begrotingsdocumenten dat de opbrengsten uit sancties vaak wel degelijk worden ingeschreven in de meerjarenplanning. Toch blijven deze inkomsten voor de meeste gemeenten slechts een relatief beperkte fractie van hun totale budget.

De keerzijde: Het verlies van draagvlak

De groei van camera’s en automatische controles zorgt bij een deel van de bevolking voor frustratie. Vooral wanneer kleine snelheidsovertredingen — bijvoorbeeld enkele kilometers per uur te snel in een zone 30 — automatisch worden bestraft, ontstaat het gevoel dat technologie vooral wordt ingezet om zoveel mogelijk overtredingen te registreren.
Critici wijzen erop dat het draagvlak voor verkeershandhaving onder druk kan komen te staan wanneer burgers het gevoel krijgen dat controles vooral financieel gemotiveerd zijn. Tegelijk benadrukken verkeersveiligheidsorganisaties dat trajectcontroles wel degelijk aantoonbaar leiden tot lagere snelheden en minder zware ongevallen.

Waar gaat uw geld naartoe?

De wet bepaalt dat gemeenten de opbrengsten van GAS-boetes in principe opnieuw moeten investeren in zaken die te maken hebben met leefbaarheid, mobiliteit en veiligheid. Denk bijvoorbeeld aan het verbeteren van fietspaden, verkeersremmende maatregelen in woonstraten of veiligere schoolomgevingen.
In de praktijk kan die interpretatie vrij ruim zijn. Sommige middelen gaan naar concrete mobiliteitsprojecten, terwijl andere inkomsten worden gebruikt voor bredere werkingskosten van politie of infrastructuur.
De discussie over zogenaamde "boetefiscaliteit" zal de komende jaren waarschijnlijk blijven terugkomen. Met de verdere uitrol van slimme camera’s en automatische controlesystemen blijft de uitdaging voor lokale besturen om het evenwicht te bewaren tussen efficiënte handhaving en het vertrouwen van de burger.
loading

Loading