De federale overheid kan de komende jaren fors minder uitgeven aan pensioenen dankzij de nieuwe centenindex. Tegen 2030 zou de maatregel jaarlijks tot 521 miljoen euro kunnen opleveren. Vooral de pensioenen van voormalige ambtenaren zijn verantwoordelijk voor die besparing.
Vooral hoge pensioenen worden geraakt
De centenindex beperkt de automatische indexering voor hogere inkomens. Wanneer de spilindex wordt overschreden, wordt de gebruikelijke verhoging van 2 procent niet langer toegepast op het volledige bedrag.
Bij een uitkering wordt slechts het gedeelte tot 2.000 euro bruto volledig geïndexeerd. Voor lonen ligt de grens op 4.000 euro bruto. Wie daarboven zit, krijgt dus geen volledige verhoging op het volledige inkomen.
Dat verschil lijkt op het eerste gezicht beperkt, maar heeft op grote schaal een aanzienlijk financieel effect. Vooral bij ambtenarenpensioenen ligt het maandelijkse bedrag vaak boven de grens waarop de volledige indexering wordt toegepast.
Meer dan een half miljard tegen 2030
Volgens berekeningen van het Monitoringcomité kan de federale overheid tegen 2030 tot 521 miljoen euro per jaar minder aan pensioenen uitgeven.
Het grootste aandeel komt van de ambtenarenpensioenen. Daar zou de besparing ongeveer 328 miljoen euro bedragen. Bij de werknemerspensioenen gaat het om ongeveer 180 miljoen euro. Zelfstandigen zijn goed voor circa 13 miljoen euro.
De impact wordt groter naarmate de maatregel vaker wordt toegepast. 2030 wordt daarom als belangrijk referentiepunt gebruikt: tegen dan zou de centenindex twee keer effect hebben gehad.
Niet iedereen wint erbij
De centenindex moet de overheidsuitgaven en loonkosten afremmen, maar de financiële gevolgen zijn breder. Wanneer werknemers minder indexering krijgen, ontvangen de overheid en de sociale zekerheid ook minder inkomsten uit belastingen en bijdragen.
In de privésector ligt het rechtstreekse voordeel vooral bij werkgevers. Zij worden geconfronteerd met een kleinere stijging van de loonmassa. De overheid ontvangt daar gedeeltelijk inkomsten uit via de loonmatigingsbijdrage, maar ziet tegelijk andere inkomsten dalen.
Vakbonden blijven zich verzetten
De maatregel blijft politiek en maatschappelijk omstreden. Vakbonden vrezen dat werknemers, ambtenaren en gepensioneerden koopkracht verliezen. Ze hebben de regeling daarom aangevochten bij het Grondwettelijk Hof.
Ook werkgeversorganisaties zijn niet tevreden en vrezen dat de loonmatigingsbijdrage uiteindelijk een permanente extra belasting wordt.
De centenindex is sinds 1 juni van kracht. Voor veel Belgen zal het effect pas de komende maanden duidelijker zichtbaar worden.
Bron: De Tijd