Goed nieuws voor de Belgische consument: de felle concurrentiestrijd tussen de grote supermarktketens werpt eindelijk zijn vruchten af. Uit de nieuwste prijsmeting van Het Laatste Nieuws blijkt dat de prijzen van basisboodschappen het afgelopen jaar bij álle grote spelers zijn gedaald. Terwijl we aan de kassa vaak nog het gevoel hebben dat alles duurder wordt, spreken de cijfers van begin 2026 een andere taal.
De grote winnaar: Delhaize snoeit fors in prijzen
De meest opvallende daling is terug te vinden bij
Delhaize. Waar je vorig jaar voor een mandje met dertig basisproducten nog ruim 84 euro neerlegde, betaal je daar nu slechts
74,66 euro voor. Dat is een daling van maar liefst
11,1%. De keten heeft het afgelopen jaar bewust ingezet op het verlagen van de prijzen voor sterke A-merken en het permanent goedkoper maken van de eigen huismerken.
Ook andere ketens lieten hun prijzen zakken om de klant te verleiden:
- Aldi: -9,23%
- Lidl: -8,50%
- Carrefour Market: -7,66%
- Albert Heijn: -6,57%
- Colruyt: -1,1%
Waarom blijft Colruyt de koning?
Hoewel de daling bij
Colruyt met slechts 90 cent de minst spectaculaire is van allemaal, blijft de winkel met de rode prijzen nog steeds de onbetwiste leider. De rangorde van goedkoop naar duur is in 2026 namelijk ongewijzigd gebleven. Colruyt is nog steeds de goedkoopste, op de voet gevolgd door
Albert Heijn en de bekende discounters.
Retailexperts wijzen erop dat Colruyt in 2024 zeer diep ging met prijsverlagingen om de concurrentie voor te blijven. In 2026 kiezen ze voor een stabielere koers: ze volgen de markt op de voet, maar gaan niet langer onnodig diep onder de prijzen van de anderen zitten.
De psychologie van de kassa: Waarom voelen we het niet?
Het klinkt paradoxaal: de prijzen dalen, maar de Vlaming heeft nog steeds het gevoel dat het leven duurder wordt. Volgens economen heeft dit te maken met verliesaversie. Onze hersenen zijn erop getraind om prijsstijgingen onmiddellijk op te merken omdat ze "pijn" doen in de portemonnee. Prijsdalingen of stabiele prijzen nemen we echter veel sneller voor lief, waardoor het positieve effect psychologisch wegvalt.
Bovendien is de algemene inflatie (1,45%) hoger dan de inflatie op voeding (slechts 0,7%). Kosten voor huur, water en energie trekken het algemene cijfer omhoog, waardoor het voordeel in de
supermarkt wordt uitgevlakt door andere vaste lasten.
Opgelet voor deze uitschieters
Niet alles werd goedkoper. Wie bepaalde producten in zijn kar legt, merkt wel degelijk een prijsstijging. Vooral rundvlees (+15,3%) en groente- en fruitsappen (+12,2%) zijn het afgelopen jaar flink duurder geworden door stijgende grondstofprijzen. Deze producten vallen echter buiten de standaard "basiswinkelkar" van de meeste prijsvergelijkingen.
Aan de andere kant van het spectrum zien we dat niet-voedingsproducten, zoals shampoo of wattenstaafjes, gemiddeld 1,6% goedkoper zijn geworden. De supermarktoorlog woedt dus op alle fronten.