Terwijl de Vlaamse overheid de jacht op verkeerszondaars opent, voltrekt zich op de daken van Vlaanderen een stille revolutie. Wie dacht dat
zonnepanelen een veilige haven waren voor zijn spaargeld, moet in 2026 even slikken. Door een combinatie van nieuwe verplichtingen, negatieve stroomprijzen en het wegvallen van de saldering, verandert de droom van "gratis stroom" voor velen in een complexe rekensom.
Vanaf 1 april 2026 treedt een belangrijke deadline in werking: de PV-verplichting voor grootverbruikers. Gebouwen met een elektriciteitsafname van meer dan 1 gigawattuur (GWh) per jaar moeten tegen die datum een minimale installatie aan zonnepanelen hebben liggen. Wie niet voldoet, riskeert forse boetes. Dit is slechts de eerste stap, want de drempel wordt de komende jaren stelselmatig verlaagd, waardoor ook kleinere KMO's en publieke gebouwen aan de beurt komen.
Betalen om stroom te leveren?
Het grootste gevaar voor de gemiddelde eigenaar schuilt echter in de negatieve stroomprijzen. In 2026 zien we een recordaantal uren waarop er zóveel zonne-energie op het net wordt gepompt dat de prijs onder nul duikt.
- De paradox: Als je op die momenten stroom injecteert (omdat je niet thuis bent om het zelf te verbruiken), kan het je bij sommige dynamische contracten letterlijk geld kosten.
- Het resultaat: In plaats van een vergoeding te krijgen voor je groene stroom, betaal je een "boete" om je overschot op het net te mogen zetten. Experts raden daarom aan om te investeren in slimme omvormers die de installatie automatisch uitschakelen bij negatieve prijzen, of simpelweg in een thuisbatterij.
Hoewel 2026 het laatste volledige jaar is waarin we in sommige regio's nog kunnen profiteren van de oude regels, werpt 1 januari 2027 zijn schaduw vooruit. Dan verdwijnt de salderingsregeling definitief. Het "wegstrepen" van verbruik tegen opbrengst is dan verleden tijd.
Vanaf dat moment krijg je enkel nog een (vaak lage) injectievergoeding. Voor een gemiddeld gezin betekent dit dat de terugverdientijd van zonnepanelen zonder batterij plots oploopt van 5 naar wel 8 tot 10 jaar.
Nettarieven stijgen, ondanks kleine dalingen
Hoewel de zuivere nettarieven voor elektriciteit in 2026 met ongeveer 4% dalen door het uitfaseren van de eerste generatie groenestroomcertificaten, blijft de totale factuur hoog. De kosten voor de versterking van het stroomnet (nodig voor al die elektrische wagens en warmtepompen) worden namelijk doorgerekend via het capaciteitstarief. Wie zijn verbruik niet spreidt en hoge pieken veroorzaakt, betaalt de hoofdprijs.
Conclusie: Zonnepanelen blijven rendabel, maar de tijd van "plaatsen en vergeten" is voorbij. In 2026 draait alles om zelfconsumptie: stroom verbruiken op het moment dat je panelen het produceren. Wie dat niet doet, financiert in feite het stroomnet van de buren.