Waarom je beter nu je spaarrekening opsplitst in 2 of 3 potjes

02 okt , 7:00Financieel
iStock-2210225507
Veel Belgen hebben een spaarrekening waarop al hun spaargeld netjes bij elkaar staat. Simpel en overzichtelijk, zou je denken. Toch blijkt dat niet altijd de beste strategie. Steeds meer financiële experten raden aan om je spaargeld op te splitsen in verschillende “potjes”. Dat klinkt misschien omslachtig, maar kan je net veel meer rust en overzicht geven – én je helpt jezelf om slimmer met geld om te gaan.

Het psychologische effect van potjes

Ons brein werkt niet altijd rationeel met geld. Als er één groot bedrag op je rekening staat, lijkt het vaak alsof je “meer ruimte” hebt om uit te geven. Maar zodra je dat bedrag onderverdeelt in aparte doelen, verandert je gedrag.
Stel dat je 10.000 euro spaart. Zet je dat in één geheel, dan voelt het als een reserve die je in theorie op elk moment mag aanspreken. Deel je het echter op in drie rekeningen – bijvoorbeeld 4.000 euro voor noodgevallen, 3.000 euro voor vakantie en 3.000 euro voor een nieuwe auto – dan wordt het plots veel moeilijker om dat geld zomaar uit te geven. Het voelt alsof je je vakantie “steelt” als je dat potje voor iets anders aanspreekt.
Dit fenomeen heet “mental accounting” en wordt al jaren onderzocht door gedragseconomen. Het helpt mensen om consequenter te sparen en minder impulsieve uitgaven te doen.

Welke potjes zijn slim?

Je hoeft niet overdreven veel rekeningen te openen. Twee of drie aparte potjes zijn vaak meer dan voldoende. Denk bijvoorbeeld aan:
  • Noodpotje: minstens 3 tot 6 maanden vaste kosten. Dit is je buffer voor onvoorziene situaties, zoals een kapotte auto of een ziekenhuisfactuur.
  • Leuke doelen: sparen voor een vakantie, nieuwe keuken of hobby. Geld dat je bewust mag uitgeven zonder schuldgevoel.
  • Toekomstpotje: een auto in de komende jaren, de studies van je kinderen of een verbouwing.
Sommige banken bieden vandaag al digitale “spaarpotjes” aan binnen één rekening, waardoor je niet eens aparte rekeningen moet openen. Zo zie je in één oogopslag hoe ver je staat met elk doel.

Rust in je hoofd

Het grote voordeel? Je weet precies waar je aan toe bent. Als je alles in één pot houdt, vraag je jezelf telkens af: “Kan ik dit wel uitgeven? Moet ik iets apart houden?” Dat zorgt voor stress en onzekerheid.
Door spaargeld te verdelen, koppel je dat los: je weet dat je vakantiepotje enkel voor vakantie dient, en dat je buffer onaangeroerd blijft. Dat geeft gemoedsrust én meer plezier wanneer je je spaardoelen bereikt.

Slim combineren met rendement

Niet elk potje hoeft op dezelfde manier beheerd te worden. Je noodbuffer hoort thuis op een klassieke spaarrekening: altijd bereikbaar, ook al brengt het weinig op. Voor een doel op langere termijn, zoals een verbouwing over vijf jaar, kan je eventueel kiezen voor een termijnrekening of een veilige belegging met wat extra rendement.
Het belangrijkste is dat je onderscheid maakt tussen geld dat je snel nodig kan hebben en geld dat je enkele jaren kan missen. Zo bouw je stabiliteit én groei in.

Hoe begin je eraan?

  • Bepaal je doelen. Wat wil je bereiken met je spaargeld?
  • Kies 2 of 3 hoofdcategorieën. Meer is vaak verwarrend.
  • Stel automatische overschrijvingen in. Zo vul je elk potje maandelijks zonder dat je er nog moet over nadenken.
  • Hou vol. Het duurt even voor je potjes groeien, maar de voldoening komt sneller dan je denkt.

Meer discipline zonder moeite

Het mooie is dat je eigenlijk niets extra hoeft te doen. Je verdeelt hetzelfde bedrag dat je toch al spaarde, maar doordat je het structureert in potjes krijg je meer controle. Het maakt sparen tastbaar en concreet: elke euro krijgt een naam en een bestemming.
loading

Loading