Wie dit jaar een arts bezoekt, geneesmiddelen afhaalt of zorg nodig heeft aan huis, merkt het snel: er verandert heel wat in de Vlaamse en federale zorgregels. Sommige maatregelen zorgen voor hogere kosten, andere net voor extra bescherming. Het doel is duidelijk: de zorg betaalbaar houden voor wie ze het hardst nodig heeft, terwijl het systeem mee evolueert met nieuwe medische ontwikkelingen.
Een van de opvallendste wijzigingen is de forse stijging van de Vlaamse zorgpremie. Die gaat van 64 euro naar 100 euro per maand voor mensen met een zware zorgnood of een erkende handicap. Voor wie een laag inkomen heeft, bedraagt de premie voortaan 35 euro.
De zorgpremie is bedoeld om niet-medische kosten te helpen dragen, zoals huishoudelijke hulp, hulpmiddelen of extra ondersteuning thuis. Ze wordt gefinancierd via een verplichte jaarlijkse bijdrage van alle Vlamingen ouder dan 25 jaar. Volgens de Vlaamse overheid is de verhoging nodig omdat de zorgzwaarte toeneemt en de kosten sneller stijgen dan vroeger.
Medicijnen kosten iets meer, maar met bescherming
Tegelijk stijgt vanaf 1 januari het remgeld voor geneesmiddelen. Per verpakking betaalt een patiënt maximaal 2 euro extra. Voor mensen met een verhoogde tegemoetkoming blijft dat beperkt tot 1 euro.
Die extra opbrengst wordt niet zomaar doorgeschoven naar de schatkist. Ze dient om nieuwe en vaak dure therapieën sneller terug te betalen. Om te vermijden dat gezinnen daardoor in de problemen komen, wordt ook de maximumfactuur uitgebreid. Wie op jaarbasis te veel zorgkosten maakt, krijgt sneller een plafond opgelegd.
Sneller toegang tot nieuwe behandelingen
Een belangrijke, maar minder zichtbare verandering is de invoering van een nieuwe terugbetalingsprocedure voor innovatieve geneesmiddelen. Via de zogeheten EEFA-procedure kunnen beloftevolle therapieën al tijdelijk worden terugbetaald, zelfs nog vóór de definitieve Europese goedkeuring rond is.
Dat moet patiënten met ernstige of zeldzame aandoeningen sneller toegang geven tot behandelingen waarvoor er weinig alternatieven zijn. De overheid benadrukt wel dat de veiligheid en medische controle behouden blijven.
Extra bescherming voor kwetsbare patiënten
Tot slot is ook het verbod op ereloonsupplementen uitgebreid. Artsen en tandartsen mogen in de ambulante zorg geen supplementen meer aanrekenen aan patiënten met een verhoogde tegemoetkoming. Die bescherming bestond al deels in ziekenhuizen, maar geldt nu ook buiten het ziekenhuis.
Zo wil men vermijden dat kwetsbare patiënten zorg uitstellen of vermijden om financiële redenen.
Wat betekent dit concreet?
Voor veel Vlamingen voelt de zorg dit jaar iets duurder aan, vooral bij apotheekbezoeken. Tegelijk wordt de bescherming voor wie het moeilijk heeft versterkt, en krijgen patiënten sneller toegang tot nieuwe behandelingen. De balans zoeken tussen betaalbaarheid en vooruitgang blijft daarbij de grote uitdaging.